Twintigers bereiken tegenwoordig bepaalde mijlpalen op een later moment in hun leven dan tien jaar eerder, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Zo krijgen ze op latere leeftijd een vaste baan, een woning en studeren ze langer.

Vooral de leeftijd waarop twintigers een vaste baan krijgen verschilt veel met tien jaar terug.

Zo had in 2018 de helft van de 27-jarigen vast werk. Tien jaar daarvoor had de helft van de destijds twintigers al op 24-jarige leeftijd een vaste baan.

Volgens het CBS hebben twintigers vandaag de dag te maken met een arbeidsmarkt waar flexibele contracten steeds meer voorkomen.

Daarnaast volgen twintigers van nu ook langer onderwijs dan tien jaar terug. In 2008 ging meer dan de helft van de 23-jarigen niet meer naar school. In 2018 was dit bij de helft van de twintigers het geval op 24-jarige leeftijd. Volgens het CBS volgen meer twintigers hoger onderwijs, waardoor ze langer studeren.

Twintigers minder snel een koopwoning en later uit huis

Ook bezitten twintigers volgens het CBS steeds minder vaak een eigen koopwoning. In 2017 bezat de helft van de 28-jarigen een koopwoning, terwijl in 2008 50 procent van de twintigjarigen al op 26-jarige leeftijd deze mijlpaal bereikte.

Het CBS heeft ook gekeken naar de cijfers die betrekking hebben op het uit huis gaan. Begin 2018 woonde de helft van de 23-jarigen niet meer bij hun ouders. Tien jaar eerder woonde 50 procent van de 22-jarigen al op zichzelf.

Vooral studenten blijven tegenwoordig langer thuis wonen. Zo blijkt uit onderzoek van het CBS dat minder studenten op kamers zijn gaan wonen sinds de invoering van het leenstelsel in 2015.